24-10-2016

7 aandachtspunten bij het uitzetten van een onderzoek onder burgers.

‘We have a situation’
In het Engels wordt dit gezegd, zodra er een probleem ontstaat. Vervolgens is het zaak dat je deze situatie correct aanpakt.

Cristiano Ronaldo deed een test, waarbij hij een bal krijgt aangespeeld.

Op het moment dat de bal gegeven wordt, gaat het licht uit. Het is donker. Vervolgens schiet Ronaldo, in het donker, -op onderbuikgevoel- de bal in de goal.

Met onderzoek hoef je niet in het donker te spelen. Je kleurt de spelers, en de goal, in.

Een situatie ontstaat.

Van onderbuikgevoel naar een onderbouwd gevoel
Burgeronderzoek helpt bij het analyseren van de situatie. De poppetjes, en belangen, worden inzichtelijk gemaakt waarna beleid kan worden gemaakt .

Maar hoe zet u burgeronderzoek op? De zeven aandachtspunten voor burgeronderzoek.

1 Bepaal het doel en context van het burgeronderzoek

Elk onderzoek heeft één hoofddoel. Wat is het doel?

Het onderzoeksdoel brengt ons tot de context.

Wat is het belang van alle deelnemende partijen om mee te doen aan het onderzoek. Dus definieer niet alleen het belang van de gemeente, maar ook het belang van de doelgroep: de respondent.

What’s in it for me and him?

De response van het onderzoek gaat omhoog, zodra de respondent (geïnterviewde) weet wat het doel, totaalplaatje, van het onderzoek is.

Betrek ze.

2 Zorg voor een intrinsieke motivatie van de doelgroep om mee te doen aan het onderzoek

In Nederland zijn er vele burgeronderzoeken, waarbij burgers betaald worden voor hun deelname. Voorgesteld kan worden, dat de intrinsieke motivatie van de ‘betaalde’ personen anders is dan ‘niet-betaalde’ personen. Dit heeft invloed op de onderzoeksresultaten.

Hetzelfde geldt voor het afzender. Stel je krijgt een uitnodiging van een onderzoek van uw gemeente, van Coca-Cola of van de Vereniging van Huiseigenaren.

De afzender c.q. opdrachtgever stuurt onbewust je reptielenbrein.

Eerder zagen we, dat het negeren van het reptielenbrein dé reden is waarom de overheid bij vele burgers totaal niet boeit. Let daar op.

Let op de afzender van het onderzoek. Zie de volgende afzenders. Welke afzender kunt u het beste gebruiken voor burgeronderzoek?

Kies de juiste afzender en zie de response van het onderzoek veranderen.

Intrinsiek worden mensen beloond door ze als raadplegers te behandelen. Raadplegers, die de gemeente helpen om het gemeentebeleid te verbeteren.

De vragenlijst wordt ingezet als raadpleging. Als middel om tips en advies in te winnen bij burgers.

Bij de Tip-Burgerpanels van Invior (voorheen Toponderzoek) wordt gesproken over raadplegingen. De raadplegingen worden ingezet om onderbuikgevoelens te staven.

Na afloop van het onderzoek is het zaak om de onderzoeksresultaten (’tips’) terug te koppelen aan de raadplegers.

Sterker nog. Koppel de resultaten terug en vermeld daarbij wat het vervolgtraject is.

Wat wordt er met de onderzoeksresultaten gedaan? Maak er een persbericht van.

3 Enquêtevragen: kwaliteit boven kwantiteit

Wanneer heeft u voor het laatst een onderzoek ingevuld van 20 of meer vragen? En welk gevoel had u na afloop?

Het is beter om 2x een vragenlijst van 15 vragen te versturen dan één keer een vragenlijst van 30 vragen.

Nadat het onderzoeksdoel (en probleembestelling) bekend is, worden onderzoeksvragen opgesteld. De onderzoeksvragen worden vertaald in enquêtevragen.

Stuur op een behapbaar aantal enquêtevragen.

Hoe kunt u de vragenlijst inkorten? Allereerst selecteert u de niet-relevante vragen eruit.

Als gemeente wilt u alles weten van de burger. Toch kunt u niet alles vragen in één onderzoek. Dit is onmogelijk en niet wenselijk.

Selecteer de juiste onderwerpen.

Formuleer bij deze onderwerpen de juiste vragen.

Daarnaast doet u uw huiswerk nogmaals. Weet u sommige antwoorden van de respondent? De vraag ‘wat is uw geslacht’ is een slechte enquêtevraag. Dit kunt u al weten van de respondent. Breng uw data op orde.

Idem, woonplaats. Idem, leeftijd (?). Idem, gezinssamenstelling (?).

Tot slot werkt u toe naar raadplegende vragen; werk dus niet naar kennisvragen of opinievragen.

Wat wilt u nu echt weten van de respondent? Het aantal auto’s dat hij heeft of het belangrijkste verkeersknelpunt in de gemeente?

4 Noem het burgeronderzoek geen burgeronderzoek

Waarschijnlijk bent u nog nooit aangesproken als burger.

Besef dat het woord ‘burger’ en ‘onderzoek’ een bepaald beeld creëert. Dit beeld heeft invloed op de onderzoeksresultaten.

Praat niet over een enquête. Praat, richting de respondent, over het inwinnen van advies (feedback).

Burgeronderzoek is een hulpmiddel om mensen beter te begrijpen, zodat u als gemeente beter in staat bent om gericht beleid te maken.

Maak dit duidelijk.

Speel met de verschillende termen en bezie wat het doet met de response. Het maakt een verschil.

Vermijd jargon. Al is het alleen maar, omdat u als burger ook geconfronteerd wordt met uw eigen burgeronderzoek….

5 Begin met een ontdooivraag en zorg voor een goede lay-out

Wanneer u een burgeronderzoek opstart, haalt u de respondent uit de comfortzone. Hij mag ineens een aantal persoonlijke vragen invullen.

Begin de vragenlijst met een eenvoudige ontdooivraag. Laat hem wennen aan het onderwerp en ga daarna pas de diepte in. De vragenlijst wordt afgesloten met de demografische vragen.

‘Wat is uw leeftijd’ is geen ontdooivraag. Het is voor de respondent een saaie vraag en wellicht weet u het antwoord al. Doe het huiswerk goed.

Onderzoek is het visitekaartje van uw organisatie.

Onderzoek is een contactmoment met uw achterban. Sluit dit contactmoment met een glimlach af (en niet met een GRRRRRRRRRRR).

Doe dit goed, want ook u bent een burger. En, wederom, ook u kunt zo’n enquête krijgen….

Waak voor klantvriendelijke burgerparticipatie.

6 Zorg voor de anonimiteit

Dit behoeft geen toelichting. Toch zien we te vaak dat dit fout gaat.

Voor onderzoek gelden richtlijnen. Deze richtlijnen kunt u terug vinden bij de brancheorganisatie Data & Insights Network en gaan ook over de dataopslag en databeveiliging.

Indien u zelf niet de richtlijnen wilt lezen, dan vraag de onderzoeker / onderzoeksbureau om deze na te leven.

7 Eén meting is geen meting

Onderzoek is een momentopname.

Met een alleenstaand onderzoek wint u geen oorlog.

Onderzoek geeft richting. Door periodiek te meten, kan de gemeente worden (bij)gestuurd.

Aan de hand van een burgerpanel wordt periodiek informatie geworven bij de burgers. Richt dit in. Daar heeft uw gemeente lang plezier van. Desnoods plak er het label ‘burgerparticipatie’ op.

Graag denk ik met u mee. Dit kan als burger of als onderzoeker.

Terug naar het nieuwsoverzicht